Op de eerste dag van mijn “bedrijfsbezoek” kwam ik zweterig, buiten adem en een kwartier te laat bij het mooie kantoor van Wilkens c.s. in Sint-Denijs-Westrem aan.

Het verhaal vooraf…

Tijdens de zomercursus Nederlands die ik volgde aan de Universiteit Gent, werd er veel gesproken over onze tweedaagse stage. Als gevolg was ik er al twee dagen lang nerveus over. Ik probeerde alles goed te regelen, wist wat ik zou dragen, wist precies waar mijn bus om 08:14 stipt zou vertrekken. I was on top of my game, althans dat dacht ik.

Plotseling reed mijn bus namelijk voorbij. De paniek sloeg toe (later kwam ik te weten dat ik enkel mijn hand hoefde uit te steken om de bus te laten stoppen)! Ik probeerde snel een andere bus naar “Gent M. Middelares – Maalte” te vinden, maar ik was verloren, helemaal verward. Ik belde onze cursusleider, stuurde e-mails, vroeg de weg aan een andere buschauffeur en uiteindelijk stapte ik, ietwat later dan verwacht, het koele kantoor van Wilkens c.s. binnen.

Verrassend verloop

Meteen was ik verrast. Ik werd met vriendelijke glimlachen begroet – uitnodigende, nieuwsgierige mensen van bijna dezelfde leeftijd als ik die me veel over het bedrijf vertelden. Ik dacht meteen: zijn business-mensen dan niet allemaal angstaanjagend en intimiderend? Mijn dag, mijn verwachtingen en mijn angsten waren in één moment veranderd.

Deze vriendelijkheid bleek ook uit de manier waarop het personeel met hun klanten omging. Bij Wilkens c.s. gaat het niet alleen om voortdurende en heel persoonlijke correspondentie met de klant, maar ook met de vertaler. Ik was verrast door foto’s van honden en katten aan de muur– huisdieren van de vertalers die de projectmanagers al redelijk goed kenden (de vertalers, niet de dieren, denk ik). De projectmanagers zeiden dat dit het werk leuk maakt: om de mensen die ze de hele dag mailen en telefoneren beter te leren kennen.

Een andere kwaliteit die bij het personeel naar voren kwam, was het vermogen om het hoofd boven water te houden. De projectmanagers waren constant met zoveel dingen tegelijk bezig, maar namen ook de tijd om elke zaak ordelijk en netjes af te handelen. Om dat te kunnen doen, maakten ze gebruik van technische systemen en het viel me op hoe gecomputeriseerd alles is. Ik besefte hoe noodzakelijk IT-kennis in de hedendaagse vertaalwereld is.

Eind goed, al goed

Voor de zomercursus moesten we achteraf een poster van ons bedrijfsbezoek maken. Ik kon het niet weerstaan om een paar schetsen te maken van de geweldige mensen die ik bij Wilkens c.s. had ontmoet:

Laura Meyer (23) – Pretoria, Zuid-Afrika